Honden in de sneeuw

Veel honden vinden het heerlijk om in de sneeuw te spelen. Ze rennen maar al te graag achter sneeuwballen aan en steken hun snuit in de sneeuw op zoek naar interessante geuren. Maar ze kunnen ook last hebben van sneeuw, ijs en kou. Hoe houd je de wandeling leuk en veilig?


   In dit artikel: 

Hond beschermen tegen de winterkou

Sommige honden hebben een vacht die uitstekend tegen weer en wind beschermt. In de winter krijgen ze een dikkere ondervacht, vergelijkbaar met een dikke winterjas. Maar er zijn ook honden die dit niet hebben. Kou en sneeuw gaat bij hen dwars door hun dunne vacht heen. Dit heeft te maken met de oorsprong van het ras. Afrikaanse honden zoals de Rhodesian Ridgeback hebben bijvoorbeeld geen ondervacht en kunnen het erg koud krijg in de winter. Bij deze hondenrassen is het belangrijk extra goed op te letten bij winters weer. 

 Door met een aantal dingen rekening te houden houd je de wandeling leuk:

Pas je wandeling aan. Stem de wandeling af op het weer. En houd rekening met de grootte en vachtsoort van je hond. Kleine honden hebben het eerder koud. Door hun kleine massa koelen ze sneller af en kost het ze meer moeite om warm te blijven. Een teckel zit bijvoorbeeld met zijn buik veel dichter bij de sneeuw. Houd de wandeling dus kort. Met een Golden Retriever kun je een grotere wandeling maken. Zijn dikke, dubbele vacht beschermt hem beter tegen de kou.

Extra laagje. Niet elke hond is goed bestand tegen de kou. Puppy’s hebben nog niet genoeg vet en vacht om zich te weren tegen de kou. En ook oudere honden hebben meer moeite om zich warm te houden. Een hondenjas of -trui biedt bescherming en houdt hem lekker warm. Ook voor honden met een korte, dunne vacht of kale buik is beschermende kleding een goed idee.

Blijf bewegen. Door beweging blijf je hond langer warm. Het is beter om tijdens de wandeling niet teveel stil te staan.

Niet op het ijs. Samen met je hond het ijs op? Beter van niet. Hij kan uitglijden en zijn gewrichten, botten of spieren bezeren. Een ander risico is dat hij door het ijs zakt met alle gevolgen van dien.

Geen sneeuw eten. Laat je hond liever geen sneeuw eten. Sneeuw is erg koud voor een zijn maag en teveel ervan binnenkrijgen kan zorgen voor buikgriep, overgeven en diarree.

Goed afdrogen.  Een natte hond raakt sneller onderkoeld. Zorg ervoor dat er zo min mogelijk water of gesmolten sneeuw in zijn vacht terechtkomt. Droog na het wandelen je hond goed af. Met een natte vacht warmt hij moeilijk op. Vergeet ook niet om de oren en pootjes mee te nemen. Juist deze plekken kunnen wel wat extra aandacht gebruiken.

Weet je nog niet goed hoe je hond reageert op sneeuw? Kies dan voor meerdere korte wandelingen in plaats van één grote wandeling. 


Hondenpoten beschermen tegen sneeuw

Is het zo koud dat er met zout wordt gestrooid? Smeer de poten van je hond dan in met vaseline of gebruik speciale hondenschoentjes voordat je naar buiten gaat. Zo hebben zijn pootjes een extra beschermlaagje. 

Pekel en strooizout kunnen de pootkussentjes irriteren. Je hond kan hierdoor last krijgen van barsten, kloofjes of blaren. Dit is erg pijnlijk. Spoel daarom na iedere wandeling de pootjes af met lauwwarm water en maak ze droog. Zie je barstjes of kleine wondjes? Met wondzalf en voetzolenspray maak je de voetkussentjes weer soepel.

Na een wandeling in de sneeuw kan het zijn dat je hond zich gaat schoonlikken. Probeer dit te voorkomen. Vaak is er aan zijn pootjes pekel en strooizout blijven kleven. Door aan zijn pootjes te likken, kan hij ongemerkt veel zout binnenkrijgen. Dit kan hem ziek maken. 

De opname van zout kan al schadelijke gevolgen hebben vanaf 1,9 gram per kg lichaamsgewicht. De eerste symptomen van een zoutvergiftiging zijn: 

  • Gebrek aan eetlust
  • Braken
  • Diarree

Heb je het idee dat jouw hond een zoutvergiftiging heeft opgelopen? Neem dan direct contact op met je dierenarts.


Hoe weet je of je hond het koud heeft?

Als je hond het te lang erg koud heeft, dan daalt zijn lichaamstemperatuur naar 37,5 graden of lager. Dit noemen we onderkoeling. Een hond zal niet snel onderkoeld raken, maar het kan in bepaalde situaties zeker wel gebeuren.

Hou altijd in de gaten of hij het niet te koud heeft. Dit kan je bijvoorbeeld merken aan:

  • Rillen
  • Problemen met ademhalen
  • Zwakke hartslag
  • Geen contact maken

Bevriezingsverschijnselen:

  • De huid is eerst bleek en blauw en daarna rood en opgezwollen
  • De hond heeft pijn aan de oren, staart of poten

Wat moet je doen als je hond onderkoeld is?

Als je hond onderkoeld is, zijn er een aantal dingen die je kunt doen: 

  • Verplaats hem naar een warme ruimte.
  • Wikkel warme dekens om hem heen. Een warme (niet hete) kruik tegen de buik of borst kan ook.
  • Geef hem suiker en warm drinken.
  • Bel zo snel mogelijk de dierenarts.

Het is belangrijk om je hond langzaam op te warmen. Een warme douche is bijvoorbeeld geen goed idee. Begin met het opwarmen van de buik, borst en romp. Laat de poten, oren en staart met rust.

Door te snel of verkeerd opwarmen kan je hond in shock raken. Breng een ernstig onderkoelde hond daarom zo snel mogelijk naar de dierenarts. Deze kan hem goed in de gaten houden en een shock voorkomen.


Laat je hond opvallen

Het is in de winter extra belangrijk dat je goed zichtbaar bent. Laat je hond opvallen met een lichtgevende halsband of doe hem een reflecterend veiligheidsvest aan. Je kunt ook een lampje vastmaken aan zijn tuigje of riem.

Draag zelf een reflecterende jas of bijvoorbeeld een armband met knipperlichtje. 




Bekijk aanbod


Kom gerust langs

Wil je meer advies? Of heb je spullen nodig om veilig en goed beschermd met je hond op pad te gaan? Kom langs in één van onze winkels. Onze dierspecialist staat voor je klaar en kan je persoonlijk advies geven.