Doen in mei.
- Jonge plantjes afharden en uitplanten
- Zaaien in de volle grond
- Irrigatiekruik plaatsen
- Onkruid weghalen
- Eerste oogst binnenhalen
Klus 1. Jonge plantjes buiten uitplanten
Vanaf half mei is de kans op nachtvorst kleiner. Jonge plantjes die je binnen hebt opgekweekt, in de kas of onder glas, kunnen deze maand verhuizen naar hun definitieve plek. Plant de jonge plantjes uit in de volle grond, een moestuinbak of een ruime pot.
Afharden.
Laat jonge plantjes wel eerst rustig wennen aan buiten: laat ze afharden. Zet ze een paar dagen overdag buiten op een beschutte plek. Haal ze ’s avonds naar binnen als het fris wordt. Zo wennen ze stap voor stap aan zon, wind en temperatuurverschillen. Zo voorkom je een groeistop en slaan je planten straks beter aan. Na 3 tot 5 dagen kunnen ze hun definitieve plek buiten krijgen.

Tip. Zet de jonge plantjes op een dienblad of in een kruiwagen. Zo kun je ze gemakkelijk naar buiten en binnen brengen.
Klus 2. Zaai in de volle grond
In mei warmt de grond op. Daardoor kiemen veel zaden vlotter. Je kunt onder meer andijvie, augurken, radijs, rucola, sla en slabonen zaaien. Baby leaf sla is extra handig, omdat je die van maart tot september in kleine beetjes kunt zaaien. Zo oogst je niet alles tegelijk en blijf je langer plukken.

Relevante producten
Klus 3. Plaats een irrigatiekruik
Nu je nog aan het zaaien en uitplanten bent, is mei ook een goede maand om een irrigatiekruik in je moestuin te plaatsen.
De kruik, of olla, werkt simpel. Je graaft hem in de grond naast je planten, vult hem met water en sluit hem af met een dop. Via het poreuze materiaal geeft de kruik langzaam water af aan de grond bij de wortels.
Eén olla geeft gelijkmatig water aan de planten die ongeveer in een halve vierkante meter om de kruik staan. Plaats je de waterkruik nu, dan profiteer je daar in de warme zomer van of wanneer je bijvoorbeeld een weekendje weg gaat.
Klus 4. Onkruid weghalen
Onkruid groeit deze maand net zo snel als je gewassen. Dus ga je moestuin in en controleer, schoffel en wied.
Controleren
Kijk in mei regelmatig tussen je gewassen. Hoe eerder je onkruid opmerkt, hoe makkelijker je het aanpakt en hoe minder snel het grote problemen oplevert.
.jpg?q=80)

Schoffelen
Schoffel kale stukken of tussen rijen. Doe dit het liefst op een droge dag. Zo snij je jonge onkruidplantjes net onder het grondoppervlak los en drogen ze snel uit.
Wieden
Onkruid dat vlak bij planten staat, al wat groter is of stevige wortels heeft, kun je met de hand wieden of met een handvork . Zo verwijder je ze zorgvuldig, zonder je gewassen te beschadigen.
.jpg?q=80)
Seizoensproducten
Klus 5. Oogst wat al klaar is
Mei is ook de maand waarin de eerste oogst dichterbij komt. Snelle gewassen zoals radijs, pluksla, raapstelen en spinazie kunnen nu al klaar zijn. Ook kruiden als kervel, peterselie en tuinkers kun je deze maand oogsten.
Slim oogsten.
Oogst pluksla, spinazie en raapstelen als het blad nog jong en zacht is. Pluk steeds de buitenste bladeren. Dan groeit de plant door en kun je vaker oogsten. Oogst radijsjes wanneer de knol zichtbaar is boven de grond.

.png?q=80)
















